Academiereglement

 

Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen

Artikel 1§1. Dit academiereglement regelt de verhouding tussen het schoolbestuur zijnde het stadsbestuur van Ronse en de leerlingen/ouders van de Kunstacademie Vlaamse Ardennen met als administratieve zetel Wolvestraat, 37

§2. Het is van toepassing op alle leerlingen van de academie en op de ouders van de minderjarige leerlingen.

§3. Het is eveneens van toepassing op de personen die leeractiviteiten op maat volgen, met uitzondering van de bepalingen opgenomen in de hoofdstukken 4 (inschrijvingsgeld en bijdrageregeling) en 8 (leerlingenevaluatie).
 

§4. De bepalingen opgenomen in het decreet betreffende het deeltijds kunstonderwijs en de bijhorende uitvoeringsbesluiten blijven onverkort van toepassing.

 

Artikel 2§1. Dit academiereglement wordt voorafgaand aan de eerste inschrijving schriftelijk of via elektronische drager (website, e-mail,…) ter beschikking gesteld aan de leerlingen of de ouders van de minderjarige leerlingen. Zij worden schriftelijk of via elektronische drager op de hoogte gehouden van de wijzigingen. De academie vraagt de ouders/leerlingen of ze ook een papieren versie van het academiereglement en/of eventuele wijzigingen wensen en stelt deze ter beschikking voor leerlingen/ouders die dit wensen.


§2. De leerlingen/ouders verklaren zich schriftelijk akkoord met het academiereglement en het artistiek pedagogisch project van de academie. Dit is een inschrijvingsvoorwaarde.

 

§3. Bij elke wijziging van het reglement en/of artistiek pedagogisch project verklaren de leerlingen/ouders zich opnieuw schriftelijk akkoord met de wijzigingen. Indien zij zich niet met de wijzigingen akkoord verklaren, kan de leerling niet worden ingeschreven het daaropvolgende schooljaar.

 

Artikel 3Begrippen

Voor de toepassing van dit academiereglement wordt verstaan onder:
 

  1. Aangetekend: Met aangetekende brief, tegen afgifte van een gedateerd ont­vangstbewijs of een gecertificeerde elektronische aangetekende zending.
     

  2. Academie: Het pedagogisch geheel waar deeltijds kunstonderwijs wordt georganiseerd en dat onder leiding staat van een directeur.
     

  3. Academieraad: inspraakorgaan in de academie met leerlingen, ouders, personeel, betrokken personen en leden van de lokale gemeenschap
     

  4. Artistiek-pedagogisch project: Het geheel van de fundamentele uitgangspunten dat het schoolbestuur voor de academie en haar werking heeft bepaald.
     

  5. Directeur: De directeur van de academie of zijn afgevaardigde.
     

  6. Leerling: De persoon die ingeschreven is aan de academie overeenkomstig de reglementaire toelatingsvoorwaarden.
     

  7. Ouders: De personen die het ouderlijk gezag uitoefenen of in rechte of in feite de minderjarige onder hun bewaring hebben.
     

  8. Schoolbestuur: De rechtspersoon die verantwoordelijk is voor de academie, namelijk het stadsbestuur van Ronse.
     

  9. Werkdag: elke weekdag met uitzondering van zowel zon- en feestdagen als dagen die tijdens de herfst-, kerst-, krokus- en paasvakantie vallen.
     

Hoofdstuk 2 Engagementsverklaring

 

Artikel 4§1. Leerlingengegevens


Leerlingen/ouders houden zich eraan om enkel correcte en actuele gegevens aan de academie te verstrekken en om de academie op de hoogte te brengen zodra er zich wijzigingen in de leerlingengegevens voordoen.

§2. Oudercontacten


De academie organiseert minimaal één oudercontact per schooljaar. De data worden schriftelijk of via elektronische drager gecommuniceerd. Van de ouders wordt verwacht dat ze minimaal één oudercontact per schooljaar bijwonen.

§3. Aanwezigheid


De leerling en zijn ouders zorgen ervoor dat de leerling elke lesactiviteit bijwoont en op tijd is. In het geval een minderjarige leerling ongewettigd afwezig is, neemt de academie contact op met de ouders.

§4. Specifieke onderwijsbehoeften       


Sommige leerlingen hebben specifieke onderwijsbehoeften. In dat geval bezorgt de leerling/ouders aan de directeur alle relevante documenten en informatie met betrekking tot de leerzorg en de evolutie ervan en dit in het belang van de leerling. In overleg met de leerling/ouders wordt nagegaan op welke manier de leerling de lessen kan volgen en welke aanpassingen wenselijk en mogelijk zijn.
De ouders ondersteunen op een positieve manier de maatregelen die in samenspraak genomen zijn.

§5. Taal


De onderwijstaal van de academie is Nederlands. Ouders moedigen hun minderjarig kind aan om Nederlands te leren en te gebruiken. Meerderjarige leerlingen nemen de nodige initiatieven om Nederlands te leren en te gebruiken.

§6. Zelfstudie

.

De leerlingen volgen de eventuele instructies in verband met zelfstudie buiten de lessen nauwgezet op. Deze instructies worden via de agenda of elektronische drager aan de leerling en eventueel ouders gecommuniceerd. Ouders moedigen hun minderjarig kind aan tot zelfstudie rekening houdend met deze instructies.

§7. Leefregels


Ouders stimuleren hun minderjarig kind om de leefregels en richtlijnen van de academie na te leven.

§8. Leerloopbaanbegeleiding


De academie geeft gericht advies over de onderwijsloopbaan die het beste aansluit bij de leervraag en competenties van de leerling.

 

Hoofdstuk 3 Inschrijving

Artikel 5Het schoolbestuur legt het maximaal aantal leerlingen vast dat wordt toegelaten tot een opleiding, zijnde de capaciteit zoals bedoeld in het decreet betreffende het deeltijds kunstonderwijs.
zie bijlage 1 (maximale capaciteiten)

 

Artikel 6§1. De volgende personen die zich als leerling willen inschrijven, worden in eerste instantie op een wachtlijst ingeschreven:
- leerlingen die willen inschrijven voor een tweede instrument of een tweede optie van hetzelfde domein,

- niet-financierbare leerlingen volgens het decreet betreffende het deeltijds kunstonderwijs,

 

§2. De leerling kan enkel definitief worden ingeschreven als op 30 september de capaciteit nog niet is bereikt door de inschrijving van financierbare leerlingen zoals bedoeld in het decreet betreffende het deeltijds kunstonderwijs.

§3. De inschrijving van niet-regelmatige leerling volgens het decreet betreffende het deeltijds kunstonderwijs, kan worden geweigerd.
 

Artikel 7Is de leerling al ingeschreven in hetzelfde domein in een andere academie, dan moet de leerling/ouders dit expliciet vermelden bij de inschrijving.
 

Artikel 8Een leerling die op basis van de regelgeving meent geheel of gedeeltelijk vrijgesteld te kunnen worden voor een vak, legt hiervoor de nodige bewijsstukken voor bij voorkeur op het ogenblik van zijn inschrijving en uiterlijk op 30 september.
 

Artikel 9Om toegelaten te kunnen worden tot een optie van een kortlopende studierichting zoals bedoeld in het decreet betreffende het deeltijds kunstonderwijs, moet de leerling ten minste de leeftijd van 12 jaar bereikt hebben op de dag van 31 december die volgt op de aanvang van het schooljaar.
 

Artikel 10Specialisatie


§1. Leerlingen die zich het volgende schooljaar willen inschrijven in een kortlopende studierichting specialisatie, maken dit bij de directeur bekend voor het einde van het schooljaar.

§2. De directeur bepaalt de selectiemethode op basis waarvan hij in samenspraak met de betrokken leerkrachten beoordeelt om de leerling al dan niet toe te laten:
- na het doorlopen van een toelatingsperiode en/of,
- op basis van de leerlingenevaluatie van de vierde graad en/of,
- op basis van een selectieactiviteit die hiervoor wordt georganiseerd.
 

 

 

Hoofdstuk 4 Inschrijvingsgeld, bijdrageregeling, sponsoring

 

 

Artikel 11Wettelijk vastgelegd inschrijvingsgeld
 

  1. De bedragen van het wettelijk inschrijvingsgeld én de voorwaarden en vereiste documenten om in aanmerking te komen voor het verminderd wettelijk inschrijvingsgeld zoals bepaald in de onderwijsregelgeving worden jaarlijks voor de start van de inschrijvingen bekendgemaakt via elektronische drager.

  2. Een leerling waarvoor het wettelijk vastgelegde inschrijvingsgeld niet tijdig wordt betaald, kan niet in de academie worden uitgeschreven, behoudens expliciete toestemming van het schoolbestuur in toepassing van artikel 14.

 

Artikel 12Retributie voor organiseren van DKO

 

Het schoolbestuur legt op basis van het bijgevoegde retributiereglement een retributie op voor het organiseren van deeltijds kunstonderwijs in haar academie
 

 
Vrije leerlingen betalen hetzelfde bedrag als regelmatige leerlingen. Uitgezonderd leerlingen die inschrijven voor groepsmusiceren in collectieve vorm, en zodoende een kwalitatieve ondersteuning bieden voor de les betalen slechts het verminderd tarief gekoppeld aan de leeftijdscategorie

 

 

Artikel 13Andere retributies

 

§1. Het schoolbestuur biedt tegen betaling de volgende diensten en materialen aan in het kader van de opleiding of om de opleiding te verlevendigen. De retributie bedraagt 10 euro per leerling.

 

  • agenda

  • materiaal en benodigdheden  (BAK)

  • boeken en partituren,

  • auteursrechten,

-     kopies

-     deelname aan projecten
 

§2. De aanrekening voor auteurs- of reprografierechten en voor benodigdheden die noodzakelijk zijn voor het volgen van de opleiding, gebeurt tegen kostprijs.

 

De retributie is niet van toepassing voor volwassenen die het volledige inschrijvingsgeld hebben betaald (geen verminderd tarief)

 

Artikel 14Leerlingen of ouders die het moeilijk hebben om het inschrijvingsgeld en/of de bijdragen te betalen, kunnen zich wenden tot de directeur.

 

Artikel 15Eventuele bekomen vrijstellingen voor een vak of de verkregen toestemming om leeractiviteiten te mogen volgen in een alternatieve leercontext kunnen geen aanleiding geven tot een afwijkende regeling van de bepalingen van dit hoofdstuk.
 

Artikel 16Reclame en sponsoring


§1  Het schoolbestuur kan voor de werking van de academie gebruik maken van geldelijke en niet-geldelijke ondersteuning door derden in ruil voor mededelingen die rechtstreeks of onrechtstreeks tot doel hebben de verkoop van producten of diensten te bevorderen.
 

 

 

§2 De academie zal in geval van dergelijke ondersteuning enkel vermelden dat de activiteit of een gedeelte van de activiteit ingericht werd door middel van een gift, een schenking, een gratis prestatie of een prestatie verricht onder de reële prijs door een bij name genoemde natuurlijke persoon, rechtspersoon of feitelijke vereniging.

§3 De bedoelde mededelingen kunnen enkel indien:
1°   deze mededelingen niet onverenigbaar zijn met de artistiek pedagogische en onderwijskundige taken en doelstellingen van de academie;
2°   deze mededelingen de objectiviteit, de geloofwaardigheid, de betrouwbaarheid en de onafhankelijkheid van de academie niet in het gedrang brengen.

§4 In geval van vragen of problemen met betrekking tot de geldelijke of niet-geldelijke ondersteuning door derden, richt men zich tot het schoolbestuur.

 

Hoofdstuk 5 Aan- en afwezigheid van de leerling
 

Artikel 17Behalve als de leerling gewettigd afwezig is, neemt hij vanaf 1 september (of van zodra zijn inschrijving definitief is in september) tot en met 30 juni deel aan alle lessen en activiteiten van de opleiding waarvoor hij is ingeschreven.
Een leerling die meer dan een derde van de leeractiviteiten georganiseerd tussen de inschrijving en teldag ongewettigd afwezig is, is niet financierbaar. (decreet art 67.2)
 

Artikel 18§1 De leerling respecteert het begin- en eind uur van de lessen. In uitzonderlijke gevallen kan een leerling de academie voor het einde van de les verlaten. Dit kan enkel na toestemming van de directeur, het secretariaat of de leraar. Voor minderjarige leerlingen is ook de toestemming van de ouders vereist.

§2 Minderjarige leerlingen mogen de academie niet verlaten tijdens de lesonderbrekingen.
 

Artikel 19Als een leerling de lesactiviteit niet kan bijwonen, moet de academie hiervan vooraf en zo snel mogelijk op de hoogte worden gebracht.
 

Artikel 20Gewettigde afwezigheid

§1 Iedere afwezigheid moet gewettigd of gerechtvaardigd zijn.

§2 De afwezigheid kan op volgende manieren worden gerechtvaardigd:

  1. ziekte:
    Een medisch attest is vereist wanneer de ziekte een periode van 3 opeenvolgende kalenderdagen overschrijdt. Een medisch attest is eveneens vereist voor een afwezigheid tijdens evaluatiemomenten.

  2. een document dat aantoont dat de leerling afwezig was:

  • om een begrafenis- of huwelijksplechtigheid bij te wonen van een bloed- of aanverwant of van een persoon die onder hetzelfde dak woont,

  • om een familieraad bij te wonen,

  • om voor de rechtbank te verschijnen na een oproeping of dagvaarding,

  • omwille van maatregelen opgelegd in het kader van de bijzondere jeugdzorg of de jeugdbescherming;

  • om een feestdag die inherent is aan de door de grondwet erkende levensbeschouwelijke overtuiging van de leerling te beleven,

  • om een andere officiële aangelegenheid bij te wonen - met akkoord van de directeur,

  • om proeven af te leggen voor de examencommissie van de Vlaams gemeenschap voor het voltijds secundair onderwijs,

  • wegens school- of beroepsverplichtingen,

  • omwille van de onbereikbaarheid van de academie door overmacht;

  1. afwezigheid om persoonlijke redenen: een ondertekende verklaring van de leerling/ouders. Deze verklaring wordt ingediend bij de directeur en is hoogstens 3 keer per jaar mogelijk. Om uitzonderlijke, familiale redenen kan de directeur beslissen om van dit maximum af te wijken,

  2. afwezigheid in uitvoering van een orde- of tuchtmaatregel zoals bepaald in hoofdstuk 16.

 

Artikel 21Ongewettigde afwezigheid


§1 Elke afwezigheid die niet gewettigd of gerechtvaardigd is zoals beschreven in artikel 20, wordt beschouwd als een ongewettigde afwezigheid.

§2 Bij een ongewettigde afwezigheid van een minderjarige leerling neemt de academie contact op met de ouders.

§3 Onverminderd de gevolgen die het decreet betreffende het deeltijds kunstonderwijs voorschrijven, kunnen ongewettigde afwezigheden aanleiding geven tot één van de sancties vermeld in hoofdstuk 10.
 

Hoofdstuk 6 Organisatie van de leeractiviteiten

 

Artikel 22§1. De jaarkalender, de leslocatie(s) en het lessenrooster worden voor de start van de lessen bekend gemaakt.

§2. De leslocatie(s) en het lessenrooster kunnen in de loop van het eerste trimester in uitzonderlijke gevallen wijzigen. De academie brengt de leerling/ouders hiervan schriftelijk of elektronisch op de hoogte.
Een aanpassing van de leslocatie of het lessenrooster kan voor leerlingen/ouders geen aanleiding zijn om het betaalde inschrijvingsgeld, retributie of bijdragen terug te vorderen.

 

Artikel 23De lessen zijn niet toegankelijk voor ouders of derden, tenzij anders vermeld.
 

Artikel 24Toezicht: niet van toepassing
 

Artikel 25Lesverplaatsing


Een les kan om individuele artistieke redenen of deelname aan professionaliseringsactiviteiten door de leraar worden verplaatst met akkoord van de directeur.  
De leerlingen/ouders worden vooraf schriftelijk of elektronisch van elke lesverplaatsing op de hoogte gebracht.

 

Artikel 26Schorsing van de lessen


§1. De lessen kunnen voor alle leerlingen of voor een leerlingengroep worden geschorst wegens administratieve en inschrijvingsformaliteiten, pedagogische studiedag, facultatieve vakantiedagen of evaluatiemomenten.

§2. De lessen kunnen onverwacht voor alle leerlingen of voor een leerlingengroep worden geschorst wegens staking, verkiezingen, volksraadpleging of overmacht of afwezigheid van de leraar. De academie brengt de ouders/leerlingen als volgt op de hoogte.

  • de academie verwittigt de leerlingen/ouders voorafgaandelijk indien mogelijk - is dit slechts beperkt mogelijk, dan wordt voorrang gegeven aan de leerlingen die het verst wonen,

 

 

  • de schorsing wordt ad valvas en/of via de website van de academie gemeld (ingeval van overmacht: indien mogelijk),

Als ouders hun kinderen naar de academie brengen, gaan ze na of de leraar al dan niet aanwezig is, alvorens hun kinderen achter te laten.
 

Artikel 27Agenda
 

In de academie wordt in bepaalde lessen gewerkt met een agenda. Hierin worden de opdrachten en/of de te kennen leerstof en/of de in te studeren stukken van de leerlingen genoteerd, evenals eventuele aanwijzingen voor de studie en eventuele mededelingen. De agenda wordt ook gebruikt als communicatiemiddel tussen de leraar en de ouders. De ouders van minderjarige leerlingen ondertekenen telkens de agenda voor kennisneming.

 

Artikel 28Kunstmanifestaties


De leerlingen worden schriftelijk uitgenodigd hun medewerking te verlenen aan openbare voorstellingen, tentoonstellingen of aan andere kunstmanifestaties die door de academie worden ingericht. Participerende leerlingen vallen volledig onder de schoolverzekering.
 

Artikel 29Buitenschoolse leeractiviteiten


§1 Buitenschoolse leeractiviteiten (extra-muros activiteiten, studie-uitstappen en dergelijke) die door de academie worden georganiseerd, maken deel uit van het leertraject. Tenzij anders bekendgemaakt, wordt van de leerlingen verwacht dat zij deelnemen aan de buitenschoolse extra-muros activiteiten die voor hen worden georganiseerd, zelfs indien deze buiten het lessenrooster van de leerling of buiten de normale openingsuren van de academie worden georganiseerd. Indien de leerling/ouders menen een ernstige reden te hebben om aan een van deze verplichte activiteiten niet deel te nemen, dan bespreken ze dit vooraf met de directeur.

§2 Buitenschoolse leeractiviteiten worden minstens 2 weken op voorhand aan de leerlingen meegedeeld. Voor minderjarige leerlingen worden de ouders schriftelijk geïnformeerd.

§3 Voor het vervoer van de leerlingen naar de buitenschoolse leeractiviteiten kan de academie een beroep doen op vrijwillige chauffeurs (meerderjarige leerlingen, ouders, derden).
 


 

Artikel 30Besmettelijke aandoening


In het geval dat een leerling of iemand uit zijn gezin wordt getroffen door een besmettelijke aandoening, bespreekt de leerling/ouders met zijn behandelende arts of de aanwezigheid van de leerling in de academie een gevaar kan zijn of geweest zijn voor de gezondheid van andere leerlingen/personeelsleden. Indien dit het geval is, doet de leerling/ouders melding bij het secretariaat. De academie neemt de gepaste maatregelen
 

Artikel 31Verzekering

 

Heeft de leerling een ongeval op het traject van huis naar de academie of terug, dan moet de academie onmiddellijk worden verwittigd zodat er zo snel als mogelijk een verzekeringsdossier kan worden opgesteld.
 

 

 

Artikel 32Werken van leerlingen


§1. De leerlingen worden uitgenodigd om alle werken die op de academie werden gemaakt in de loop van het schooljaar vrij ter beschikking te stellen van de academie.
Deze werken kunnen enkel worden gebruikt voor didactisch-pedagogische doeleinden (voorbeeldfunctie) of activiteiten die de academie naar buiten uit moeten vertegenwoordigen (tentoonstellingen, opendeurdagen, drukwerk...).
De leerlingen ontvangen hiervoor geen vergoeding.
 
§2. De academie verbindt er zich toe om, bij iedere activiteit waarbij op de één of andere manier gebruik wordt gemaakt van werken van leerlingen, de naam van de leerling te vermelden en het recht op eerbied voor deze werken te garanderen.


 

Hoofdstuk 7 Leren in een alternatieve leercontext (zie bijlage 2 Toetsing instrument alternatieve context)


 

Artikel 33§1. Een leerling die onder de voorwaarden van het decreet betreffende het deeltijds kunstonderwijs een vak geheel of gedeeltelijk wil vervangen door leeractiviteiten in een alternatieve leercontext, legt zijn vraag tijdig voor aan de directeur en de betrokken leerkrachten via het formulier ‘leren in alternatieve leercontext’ waarvan deel 1 volledig is ingevuld. Dit formulier is als bijlage bij dit reglement gevoegd. (zie bijlage 3)


§2. Het leren in een alternatieve leercontext kan voor de duur van het volledige schooljaar of voor een of meerdere welbepaalde periode(s).
 

Artikel 34§1. De aanvraag wordt enkel ingewilligd als elk van de volgende voorwaarden zijn vervuld:
- de alternatieve leercontext voldoet aan de kwaliteitsvoorwaarden zoals opgenomen in het door de inspectie gevalideerde toetsingsinstrument dat als bijlage is gevoegd bij dit reglement,

- de alternatieve leercontext ondertekent de overeenkomst ‘leren in alternatieve leercontext’ van het schoolbestuur,
- de directeur oordeelt dat de alternatieve relevant is voor het verwerven van de basiscompetenties, specifieke eindtermen of het behalen van de beroepskwalificatie.
 

§2. De aanvraag, de concrete modaliteiten, de contactpersonen en het akkoord worden vastgelegd via het formulier ‘Leren in alternatieve leercontext’.
 

Artikel 35§1. De verantwoordelijke van de leercontext staat in voor de structurele inhoudelijke begeleiding van de leerling met het oog op het realiseren van de einddoelen. Hij geeft de leerling regelmatig feedback en houdt alle relevante informatie beschikbaar voor de academie. Hij mag alle nuttige inlichtingen betreffende de leerling inwinnen bij de contactpersoon van de academie.

§2. De academie blijft eindverantwoordelijke voor de kwaliteit van het leerproces. De directeur, zijn afgevaardigde en de contactpersoon van de academie kunnen te allen tijde de leerling ter plekke observeren.
 

§3. Tussen de contactpersoon van de academie en de verantwoordelijke van de leercontext wordt 2 x overleg gepleegd.

 

Artikel 36§1. De leerling gedraagt zich welvoeglijk en voorkomend binnen de alternatieve leercontext. Hij eerbiedigt de belangen van de alternatieve leercontext.

§ 2. De leerling leeft de instructies en voorschriften eigen aan de alternatieve leercontext na evenals de veiligheidsvoorschriften.  
§3. De leerling kan weigeren om taken uit te voeren die zijn fysische of psychische mogelijkheden te boven gaan. Hij maakt hiervan omstandig schriftelijk melding bij de directeur.
 

Artikel 37§1. De leerling blijft onderworpen aan het gezag van de directeur of zijn afgevaardigde.

§2. Zowel de verantwoordelijke van de alternatieve leercontext als de academie kunnen te allen tijde de leerling aanspreken bij niet-naleving van gemaakte afspraken. De verantwoordelijke van de alternatieve leercontext meldt dit tevens aan de directeur.
 

Artikel 38§1. De academie staat in voor de evaluatie van de leerling. De verantwoordelijke van de leercontext verstrekt hiertoe de nodige informatie aan de contactpersoon van de academie.

§2. De leerling is niet vrijgesteld van de evaluatieactiviteiten.
 

Artikel 39§1. De bepalingen rond aan- en afwezigheden zoals vastgelegd in dit academiereglement blijven onverkort van toepassing. 

§2. In uitzonderlijke gevallen kan de leerling de alternatieve leercontext voor het einduur verlaten. Dit kan enkel na toestemming van de verantwoordelijke van de leercontext, de directeur of de contactpersoon van de academie. Voor minderjarige leerlingen is ook de toestemming van de ouders vereist.

§3. Een leerling die te laat komt op de alternatieve leercontext, geeft de reden hiervan door aan de verantwoordelijke van de alternatieve leercontext.
 

§4. De leerling verwittigt zowel de academie als de alternatieve leercontext in geval van afwezigheid en bezorgt de wettiging van de afwezigheid aan de academie.
 

§5. Ingeval een activiteit van de alternatieve leercontext wegens overmacht niet kan plaatsvinden, verwittigt de alternatieve leercontext de leerling/ouders voorafgaandelijk indien mogelijk.
 

Artikel 40De alternatieve leercontext staat in voor het effectief en continu toezicht op de leerling zodra de leerling de alternatieve leercontext betreedt tot hij ze verlaat. Het schoolbestuur draagt hierbij geen enkele verantwoordelijkheid.
 

Artikel 41De leerlingen vallen onder de schoolverzekering (burgerlijke aansprakelijkheid en ongevallen) voor wat betreft de activiteiten beschreven op het formulier ‘Leren in alternatieve leercontext’.

 

Artikel 42De leerling maakt geen aanspraak op enige financiële tussenkomst voor het vervoer van en naar of voor de deelname aan de activiteiten van de alternatieve leercontext.

 

Artikel 43Een leerling die gedurende de afgesproken periode de leeractiviteiten niet langer wil volgen in de alternatieve leercontext, legt dit ter bespreking voor aan de directeur. Enkel met toestemming van de directeur kan het vak in de loop van het schooljaar terug in de academie worden gevolgd.
 

Artikel 44§1. De alternatieve leercontext kan beslissen de leerling niet langer toe te laten:
- bij zware inbreuken tegen de afspraken;

- indien de leerling opzettelijk zware schade veroorzaakt;
- indien de leerling herhaald onwettig afwezig is;
- wanneer de leerling wangedrag vertoont;
- wanneer de leerling de activiteiten van de alternatieve context hypothekeert.
 


§2. De directeur kan de toestemming om de leeractiviteiten in de alternatieve leercontext te volgen, intrekken wanneer het leren in de alternatieve context inefficiënt of onnuttig is.

§3. Het leren in de alternatieve leercontext wordt van rechtswege beëindigd als de overeenkomst tussen de alternatieve leercontext en het schoolbestuur (al dan niet voortijdig) ten einde loopt.
 

§4. De directeur / alternatieve leercontext maken elke beslissing tot stopzetting schriftelijk en gemotiveerd bekend aan de leerling/ouders. De leerling moet het vak dan verder volgen in de academie volgens de modaliteiten die de directeur hem meedeelt.

 

Hoofdstuk 8 Leerlingenevaluatie

 

Evaluaties in de Kunstacademie Vlaamse Ardennen

 

We bieden iedereen die zich als leerling inschrijft in onze academie een brede artistieke vorming op maat.

-Breed artistiek: we zetten in op de ontwikkeling van competenties als vakman, kunstenaar, onderzoeker, samenspeler en performer.

-Op maat: we gaan ervan uit dat elke leerling zich ontwikkelt via een eigen weg en op een eigen tempo. We engageren ons om elke leerling op zijn/haar niveau te ondersteunen in zijn/haar artistieke ontwikkeling.

 

Wij willen onze leerlingen ondersteunen in deze brede artistieke ontwikkeling. Onze evaluaties zijn daarom voedend.

Dat betekent dat:

  • De evaluatie de vorm aanneemt van feedback (tips, suggesties, leerpunten,…) die leerlingen helpt een volgende stap te zetten in hun ontwikkeling.

  • De ‘goesting’ om zich artistiek te ontwikkelen aangewakkerd wordt.

 

 

1. Wat evalueren we?

 

Competentiegericht onderwijs verwijst naar een versmelting van kennis, vaardigheden en attitudes. Competenties maken onderwijs doelgericht met meetbare leerresultaten.

-De kerncompetenties van het referentiekader zijn:

  • creëren en (drang tot) innoveren: de leerling komt actief en uit zichzelf met artistieke vormgeving, 
benaderingen en inzichten.

  • inzetten van vakdeskundigheid: de leerling zet verworven kunstspecifieke kwaliteiten in om zich artistiek uit te 
drukken.

  • onderzoeken: de leerling analyseert, reflecteert en 
communiceert over proces en product.

  • opbouwen van relaties en samenwerken: de leerling kan 
eigen talent en deskundigheid ten dienste stellen van het 
gemeenschappelijk artistiek doel of project.

  • presenteren: de leerling toont proces en/of product aan een publiek.

  • °  tonen van individuele gedrevenheid: de leerling vertrouwt 
op eigen expressiemogelijkheden en wil zijn        creatieve resultaten tonen.

 

-Het leerplan ‘Kunstig Competent’ vertaalt deze kerncompetenties in:

  • vijf rollen: kunstenaar, vakman, onderzoeker, samenspeler en performer. De laatste kerncompetentie (tonen van individuele gedrevenheid) zit in de vijf rollen vervat.

  • 20 artistieke competenties + leerdoelen: ze vormen de kern van dit leerplan. De verschillende vakgroepen of domeinen kunnen de onderstaande minimale competenties aanvullen met eigen gekozen competenties en leerdoelen:

Kunstenaar: experimenteren


  • zich op persoonlijke wijze uitdrukken, zich inleven
• creëren.

 

Vakman: techniek, materialen en basisvaardigheden beheersen

  • werken met/aan kwaliteit


  • werkhouding ontwikkelen;


  • vakkennis hanteren.

 

Onderzoeker: nieuwsgierig en onderzoekend zijn


  • eigen sterktes en werkpunten benoemen

  • proces zichtbaar maken
• eigen horizon verruimen.

 

Samenspeler: samenwerken;


  • samen maken


  • respect tonen voor anderen en hun werk

  • feedback geven en ontvangen.

 

Performer: tonen met kwaliteit


  • codes van het (zich) tonen gebruiken

  • eigen oeuvre-repertorium opbouwen


  • publiek willen raken

 

- De basiscompetenties worden vastgelegd voor de eerste, tweede en derde graad.

- Voor de vierde graad geven beroepskwalificaties aan welke doelen de leerlingen verworven hebben.

- Ontwikkelingsniveaus:

1ste graad: de leerling toont de competenties op een elementair niveau, in een eenvoudige context en met veel begeleiding.

Ontwikkelingsniveau 2de graad: de leerling toont de competenties op basisniveau, in een matig complexe context, met toenemende zelfstandigheid en met sporen van een eigen touch.

Ontwikkelingsniveau 3de graad: de leerling toont de competenties met een degelijke kwaliteit, in een complexere context, zelfstandig en met een eigen touch.

Ontwikkelingsniveau 4de graad: de leerling toont de competenties met een grote kwaliteit, in een complexe context, zelfstandig en met een opvallende eigen touch.

 

Wanneer evalueren we?

- Evalueren is een permanente activiteit tijdens de lessen (feedback, huiswerk, opdrachten,…)

- Daarnaast organiseren we verschillende toonmomenten waarop leerlingen hun kunnen als vakman, kunstenaar, onderzoeker, samenspeler en performer tonen: klasconcerten, voorstellingen, tentoonstellingen,…al of niet in samenwerking met andere domeinen.

Elke leerling neemt minimaal 2 keer per schooljaar deel aan een toonmoment. Dit toonmomenten valt in elk geval voor de halfjaarlijkse evaluaties. De specifieke evaluatie van de toonmomenten wordt, naast een mondelinge feedback, opgenomen in de schriftelijke evaluaties onder ‘toonmoment’.

- Elke leerling ontvangt 2 keer per jaar een schriftelijke evaluatie.

 

Concreet:

- Onze evaluaties bestaan uit schriftelijke deelevaluaties van de 5 rollen + het ‘unieke ik’ + het toonmoment + intake

- De evaluaties zijn aangepast per domein en per vakgroep met eigen klemtonen en aanvullingen binnen de competenties en doelen.

- Er is 1 tussentijdse evaluatie en 1 eindevaluatie per schooljaar

- Er is 1 evaluatiefiche per leerling per ‘vak’.

- De evaluatiefiches worden vanuit DKO3 per elektronische dragger verstuurd naar de ouders/leerlingen. Op vraag van de leerkracht kunnen die worden uitgeprint voor bespreking met de leerlingen.

- De evaluatie is de feedback ‘in woorden’. Er worden geen punten of graden gegeven.

- De leerkracht is eindevaluator: de evaluatie van de ontwikkeling gaat op het einde van het schooljaar gepaard met een beoordeling ‘geslaagd’ of ‘niet geslaagd’.

- Leerlingen die meer dan een derde van de lessen niet hebben bijgewoond zonder dat hun afwezigheid gewettigd is, zijn niet geslaagd.

 

Wie evalueert?

We gaan ervan uit dat de ontwikkeling van competenties het best kan bedoordeeld worden door de leerkracht. Deze wordt voor bepaalde overgangsjaren aangevuld met feedback van externe juryleden:

  • Woordkunst-Drama

Er is een externe evaluator aanwezig voor het eindtoonmoment van de klassen 2.4, 3.3 en 4.3.

  • Dans

Externe evaluator voor het eindtoonmoment van Danslab 2.4, Danslab 3.3 Hedendaagse Dans en 3.3 Danslab Klassieke Dans

  • Beeldende en Audiovisuele Vorming

Voor Beeldatelier 3.6, Digitaal Beeldatelier 3.6 en Beelatelier 4.3 wordt een jury samengesteld van externe evaluators.

  • Muziek

Er is een externe evaluator aanwezig bij de eindtoonmomenten van de klassen 2.4, 3.3 en 4.3. Er wordt minimum 1 werk en maximum 2 werken getoond per toonmoment. Bij Zang zijn dat maximum 3 werken per toonmoment.

Voor alle andere klassen zijn er interne evaluators aanwezig op het eindtoonmoment.

Alle toonmomenten zijn openbaar, tenzij om pedagogische redenen beslist wordt om het toonmoment  intern te houden.

 

Bij afwezigheden

Indien het onmogelijk is voor een leerling om aan een toonmoment deel te nemen, wettigt deze zijn afwezigheid bij het secretariaat met een bewijs. Geldig zijn: ziekte, activiteiten in de dagschool, dringende aanwezigheden op een andere activiteit of een vorm van overmacht. Er is dan mogelijkheid voor een inhaaltoonmoment: de ouder/leerling contacteert na het inleveren van het bewijs de leerkracht om samen met de leerling het inhaalexamen vast te leggen.

Bij een niet gewettigde afwezigheid kan de leerling niet slagen.

 

Hoofdstuk 9 Leefregels
 

Artikel 47 Algemeen


§1. Iedere leerling onthoudt zich van gedrag dat:

  • het ordentelijk verstrekken van onderwijs in gevaar brengt,

  • de verwezenlijking van het artistiek pedagogisch project van de academie in het gedrang brengt,

  • de veiligheid of de hygiëne in het gedrang brengt,

  • ernstige of wettelijk strafbare feiten uitmaakt,

  • de naam van de academie of de waardigheid van het personeel aantast,

  • de academie materiële schade toebrengt.

 

§2. Iedere leerling volgt strikt de richtlijnen op en neemt een correcte en beleefde houding aan tegenover het personeel van de academie en tegenover de andere leerlingen.
 

Artikel 48 Lessen


§1. Iedere leerling zorgt ervoor dat hij de lessen niet stoort.

§2. Tijdens de lessen worden er zonder toestemming geen eigen toestellen gebruikt. Het gaat onder andere om mobiele telefoons, muziekdragers en camera’s.

§3. De leerlingen laten het leslokaal bij het einde van de les in voldoende ordelijke staat achter.

 

Artikel 49 Kledij, veiligheidsvoorschriften en hygiëne

 

§1. Iedere leerling volgt de instructies van de leraar of directie wat betreft

  • het dragen van aangepaste kledij,

  • het dragen van beschermkledij,

  • het gebruik van beschermingsmiddelen,

  • het verbod om bijvoorbeeld hoofddeksels, sieraden, losse kledij, sjaaltjes,… te dragen,

  • het vaststeken van lang haar (in het bijzonder in de studierichting Dans)

      om redenen van veiligheid of hygiëne.
 

 

§2. Iedere leerling moet de veiligheidsvoorschriften naleven met inbegrip van alle opleidingsspecifieke afspraken.
 

§3. Afval moet in de daartoe voorziene vuilnisbakken gedeponeerd worden.

 

Artikel 50 Materiële bezittingen en vandalisme


§1. De leerlingen laten hun persoonlijke bezittingen (boekentassen, rugzakken, muziekinstrumenten, mobiele telefoon, juwelen…) niet onbeheerd achter. De academie is niet verantwoordelijk voor gebeurlijke diefstallen of eventuele beschadigingen.

§2. De leerlingen laten hun vervoersmiddel achter op de daartoe voorziene plaatsen.

§3. De leerling is ten allen tijde verantwoordelijke voor zijn persoonlijke apparaten en/of producten.

§4. De leerling is aansprakelijk voor de schade die hij opzettelijk en buiten het toezicht van de leraar toebrengt aan:

  • lokalen, meubilair, apparatuur, toestellen, muziekinstrumenten of materiaal van de instelling,

  • materiaal, werken of muziekinstrumenten van andere leerlingen.

Dit houdt in dat hij de schade (herstelling, vervanging…) vergoedt, onverminderd de tuchtsancties die hem in dit verband kunnen worden opgelegd.

 

Artikel 51 Gebruik van infrastructuur

 

§1. De leerlingen gebruiken alle infrastructuur als normaal zorgvuldige personen met respect voor gebouwen, meubilair, apparatuur, toestellen, instrumenten, producten,…
Apparaten en producten moeten na gebruik weer zuiver gemaakt worden en op hun plaats gezet.

§2. Leerlingen kunnen met toestemming van de directeur een lokaal gebruiken om zich in het kader van hun opleiding te vervolmaken. De aanvraag gebeurt via een in te vullen en ondertekend formulier op het secretariaat van de academie.
De aanvrager is verantwoordelijk voor de sleutel, de orde van het lokaal, schade en andere onregelmatigheden die eventueel vastgesteld worden.
 

Artikel 52 Uitlening

 

Cfr document ‘Verhuur van instrumenten’(zie bijlage 3)
 

Artikel 53 Genotsmiddelen


§1. Binnen de volledige academie, met inbegrip van zowel de gebouwen als de speelplaatsen en andere open ruimten is het verboden:

  • te roken,

-     drugs te gebruiken,

  • enig voorwerp als wapen te gebruiken of wapens in de academie binnen te brengen.

Er geldt een algemeen rookverbod op het gehele schooldomein in schoolverband.

 

§2. Leerlingen mogen zich niet in de academie aanbieden onder invloed van roesopwekkende middelen (zoals alcohol, drugs,…).

§3. De bepalingen in §§1 en 2 zijn eveneens van toepassing tijdens verplichte extra-muros activiteiten.
 


§4. Bij overtreding van deze bepalingen kan de leerling gesanctioneerd worden volgens het orde- en tuchtreglement zoals opgenomen in hoofdstuk 10 van dit academiereglement. Ouders die het rookverbod overtreden, zullen verzocht worden te stoppen met roken of het schooldomein te verlaten.

.
 

 

 

Artikel 54 Smartphone, tablet, laptop, trackers of andere gelijkaardige toestellen, internet en sociale media

 

§1. Het is niet toegestaan om beeld- of geluidsopnamen te maken op het domein van de academie zonder toestemming van de academie. Overeenkomstig de privacywetgeving en het recht op afbeelding mogen er geen beeld- of geluidsopnamen van medeleerlingen, personeelsleden of andere personen gemaakt worden of verspreid zonder hun uitdrukkelijke toestemming.

 

§2. Er worden geen films, geluidsfragmenten, foto’s enz. op sociale websites geplaatst die betrekking hebben op de academie zonder dat daar uitdrukkelijk toestemming voor wordt gegeven door de academie. Dit geldt voor de leerlingen, ouders en grootouders en alle personen die onder hetzelfde dak wonen als de leerling. Onder sociale media worden websites zoals Facebook, Netlog Instagram, Twitter, enz. verstaan.

 

§3. Bij communicatie via sociale media worden de normale fatsoennormen in acht genomen. Cyberpesten is verboden.

§4. Downloaden, installeren en verdelen van illegale software in de academie is verboden.

 

Artikel 55  Initiatieven van leerlingen

 

§1. Alle teksten die leerlingen wensen te verspreiden in de academie, moeten vooraf ter goedkeuring aan de directeur worden voorgelegd.

§2. Een geldomhaling in de academie door de leerlingen kan slechts gebeuren na schriftelijke goedkeuring van de directeur.

§3. Leerlingen die deelnemen aan wedstrijden of kunstmanifestaties buiten de academie en daarbij de naam van de academie willen gebruiken, moeten daarvoor de schriftelijke toestemming van de directeur bekomen.

§4. Activiteiten die leraars, leerlingen of derden op eigen initiatief organiseren voor een bepaalde leerlingengroep, vallen niet onder de verantwoordelijkheid van het schoolbestuur.
 

Artikel 56 Geweld, pesten, grensoverschrijdend gedrag

 

Leerlingen onthouden zich van iedere daad van geweld, pesten en grensoverschrijdend gedrag. Bij vermoeden van inbreuk neemt de academie gepaste maatregelen om de fysieke en psychische integriteit van de leerlingen te beschermen.
 

Artikel 57 Auteursrecht (zie bijlage 4)


§1. De leerlingen respecteren te allen tijde het geldende auteursrecht.

 

§2. Voor het kopiëren van partituren is in principe de toestemming vereist van de auteur, zijn uitgever of een andere rechthebbende.

§3. Bladmuziek mag nooit worden gekopieerd zonder toestemming van de rechthebbende.
 

§4. Het schoolbestuur heeft een licentieovereenkomst afgesloten met de erkende beheers vennootschap van muziekuitgevers SEMU. De leerlingen eerbiedigen te allen tijde de voorwaarden die voortvloeien uit deze overeenkomst en die schriftelijk of elektronisch worden bekendgemaakt.

 

 

 

 

Artikel 58 Privacy


De leerlingen respecteren ten allen tijde de bepalingen zoals opgenomen in de privacyverklaring van het schoolbestuur. Deze privacyverklaring wordt bekendgemaakt via de website.
 

Hoofdstuk 10 Maatregelen in geval van schending van de leefregels

Artikel 59 Ordemaatregelen


§1. Als een leerling de leefregels schendt, kunnen volgende ordemaatregelen worden genomen:

  1. een mondelinge vermaning,

  2. een schriftelijke vermaning via een door de ouders te ondertekenen nota,

  3. een extra taak – melding gebeurt schriftelijk aan de ouders.

  4. een verwijdering uit de les tot uiterlijk het einde van de les en onder toezicht van de academie – melding gebeurt aan de ouders via een te ondertekenen nota.

  5. een gesprek tussen de directeur en de leerling – melding gebeurt schriftelijk aan de ouders

  6. de directeur neemt contact op met de ouders en bespreekt het gedrag van de leerling, al dan niet samen met de leraar. Van dit contact wordt een verslag gemaakt dat door de ouders wordt ondertekend voor kennisneming.

                  Deze opsomming sluit niet uit dat andere maatregelen kunnen worden genomen die meer aan het onbehoorlijk gedrag van de leerling zijn aangepast.

§2. Deze ordemaatregelen kunnen worden genomen door elk personeelslid van de academie die toezicht op de leerling uitoefent.


§3. Tegen geen enkele ordemaatregel is er beroep mogelijk.

 

Artikel 60 Tuchtmaatregelen: tijdelijke en definitieve uitsluiting van leerlingen


§1. Tuchtmaatregelen kunnen worden genomen indien de leerling de leefregels van de academie zodanig schendt dat:

  • het ordentelijk verstrekken van onderwijs werkelijk in gevaar is of ernstig wordt belemmerd  – de maatregelen van orde hebben geen effect of het betreft zeer ernstige overtredingen,

  • de verwezenlijking van het artistiek pedagogisch project van de academie in het gedrang is,

  • zijn handelingen een gevaar of ernstige belemmering vormen voor de fysieke of psychische integriteit en veiligheid van één of meer leden van de academiepopulatie of van personen waarmee de leerling in het kader van leren in een alternatieve leercontext in contact komt.

  • zijn handelingen ernstige of wettelijk strafbare feiten uitmaken,

  • zijn handelingen de naam van de academie of de waardigheid van het personeel aantasten,

  • zijn handelingen de academie materiële schade toebrengen.

 

§2. Mogelijke tuchtmaatregelen zijn:

  1. Een tijdelijke uitsluiting zoals bepaald in artikel 50 §1 van het decreet betreffende het deeltijds kunstonderwijs.

  2. Een definitieve uitsluiting zoals bepaald in artikel 50 §2 van het decreet betreffende het deeltijds kunstonderwijs.
     

§3. Er is geen mogelijkheid tot collectieve uitsluiting: elk tuchtdossier wordt individueel behandeld.
 

§4. Tuchtmaatregelen kunnen slechts genomen worden nadat de tuchtprocedure werd gevolgd.
 

Artikel 61  Bewarende maatregel: preventieve schorsing


§1. In afwachting van een eventuele tijdelijke of definitieve uitsluiting, kan de directeur de leerling preventief schorsen als bewarende maatregel.

§2. Bij preventieve schorsing wordt de leerling het recht ontnomen om in de loop van het schooljaar de leeractiviteiten werkelijk en regelmatig te volgen en dit gedurende een periode van maximaal veertien opeenvolgende dagen.
Het college van burgemeester en schepenen kan, na motivering aan de leerling/ouders, beslissen om deze periode eenmalig met maximaal veertien opeenvolgende dagen te verlengen indien door externe factoren het tuchtonderzoek niet binnen de eerste periode kan worden afgerond.

§3. De schorsing kan onmiddellijk uitwerking hebben en wordt aan de leerling/ouder mondeling en schriftelijk ter kennis gebracht.

§4. Tegen een preventieve schorsing is geen beroep mogelijk.
 

Artikel 62  Tuchtprocedure


§1. Tuchtmaatregelen worden genomen door de directeur.

§2. Alvorens tot een tuchtmaatregel over te gaan, volgt de directeur de volgende procedure:
1° De directeur wint voorafgaandelijk het advies in van de betrokken leerkrachten.
2° De directeur deelt de intentie om een tuchtmaatregel te nemen, schriftelijk of op elektronische wijze mee aan de leerling/ouders.
3° Aan de leerling/ouders wordt schriftelijk of elektronisch meegedeeld dat zij na afspraak inzage hebben in het tuchtdossier.
4° De leerling/ouders worden opgeroepen om te worden gehoord over de vastgestelde feiten en de voorgestelde maatregel. De directeur bepaalt wanneer dit gesprek plaatsvindt, dit kan ten vroegste 5 werkdagen na verzending van de oproep. De leerling/ouders mag/mogen zich laten bijstaan door een vertrouwenspersoon. Van dit gesprek wordt een verslag gemaakt dat door de leerling/ouders wordt ondertekend voor kennisneming.
5° Na dit gesprek neemt de directeur een gemotiveerde beslissing omtrent de tuchtmaatregel die in overeenstemming is met de ernst van de feiten. De gemotiveerde beslissing wordt aangetekend meegedeeld aan de leerling/ouders binnen de 5 werkdagen na het gesprek vermeld in 4°. In geval van definitieve uitsluiting vermeldt deze schriftelijke mededeling de mogelijkheid tot het instellen van het beroep én de bepalingen uit het academiereglement die hier betrekking op hebben. De beslissing wordt ter kennisgeving meegedeeld aan het college van burgemeester en schepenen.
 

Artikel 62  Tuchtdossier


§1. Het tuchtdossier van een leerling wordt opgesteld en bijgehouden door de directeur.

§2. Het tuchtdossier omvat een opsomming van:
- de gedragingen van de leerling die aanleiding geven tot een tuchtmaatregel en de bewijsvoering ter zake;
- de reeds genomen ordemaatregelen;
- het tuchtvoorstel;
- het advies van de betrokken leerkrachten;
- alle andere nuttige documenten.
 

 

 

Artikel 64  Beroepsprocedure tegen definitieve uitsluiting


§1. Het beroep tegen een definitieve uitsluiting kan tot uiterlijk 30 kalenderdagen volgend op de schriftelijke mededeling van de sanctie worden ingediend door middel van een gedateerd en ondertekend beroepsschrift dat aangetekend wordt ingediend bij het college van burgemeester en schepenen. Het beroepsschrift vermeldt op straffe van nietigheid ten minste het voorwerp van het beroep en de feitelijke omschrijving en motivering van de ingeroepen bezwaren. Er kunnen overtuigingsstukken worden bijgevoegd.

§2  Het beroep wordt binnen de 30 werkdagen behandeld door het college van burgemeester en schepenen dat beslist tot:
- gemotiveerde afwijzing van het beroep omwille van onontvankelijkheid;
- of bevestiging van de definitieve uitsluiting;
- of vernietiging van de definitieve uitsluiting.
De beslissing wordt uiterlijk na 30 werkdagen aangetekend ter kennis gebracht aan de leerling/ouders. Bij overschrijding van deze termijn is de omstreden definitieve uitsluiting van rechtswege nietig.

§3  De beroepsprocedure schort de uitvoering van de beslissing tot definitieve uitsluiting niet op.
 

 

 

Hoofdstuk 11 Academieraad


 

Artikel 65

§1. In de academie is er een academieraad bestaande uit mininmum 8 personen en is samengesteld:
- leerlingen,
- betrokken personen,
- personeelsleden,
- leden van de lokale gemeenschap.


§2. De samenstelling van de academieraad kan gebeuren via een oproep tot kandidaatstelling via de website van de academie.

 

§3. De namen van de leden van de academieraad worden via de website van de academie bekendgemaakt.

§4. De academieraad adviseert het schoolbestuur over aangelegenheden die hen rechtstreeks aanbelangen. Het schoolbestuur vraagt over deze aangelegenheden voorafgaand advies aan de academieraad. De academieraad kan hierover ook uit eigen beweging schriftelijk advies uitbrengen waarna het schoolbestuur binnen dertig kalenderdagen een met redenen omkleed antwoord geeft.
 

 

Hoofdstuk 12 Leerlingengegevens


 

Artikel 66

§1 Leerling/ouders kunnen zich op de onderwijsregelgeving beroepen om recht op inzage in en toelichting bij de gegevens die op de leerling betrekking hebben, waaronder de evaluatiegegevens, te vragen. Leerlingen of ouders die dit wensen richten zich tot de directeur van de academie met een vraag tot inzage van het dossier van de leerling.

§2. De leerling/ouders kan een kopie krijgen van deze gegevens.
Iedere kopie die op deze wijze verkregen wordt, dient persoonlijk en vertrouwelijk te worden behandeld. Dergelijke kopieën mogen niet verspreid worden of publiek worden gemaakt en mogen enkel gebruikt worden in functie van de onderwijsloopbaan van de leerling.

§3. Als bepaalde gegevens ook een derde betreffen en volledige inzage in de gegevens door de leerling of zijn ouders afbreuk zou doen aan de privacy van deze derde, wordt de toegang tot de gegevens verstrekt via een gesprek, gedeeltelijke inzage of rapportage.

 

Artikel 67

§1. De academie zal geen leerlingengegevens meedelen aan derden, tenzij voor de toepassing van een wettelijke of reglementaire bepaling of in het kader van een overeenkomst die de academie afsluit met verwerkers voor leerplatformen, leerlingenvolgsysteem, leerlingenadministratie en dergelijke meer.

§2. Een gemeenteraadslid kan in het kader van zijn controlerecht inzage krijgen in gegevens van leerlingen op voorwaarde dat deze gegevens noodzakelijk zijn om het controlerecht effectief uit te kunnen oefenen (aftoetsen van finaliteit, proportionaliteit, transparantie en veiligheid).

§3. Ook in het kader van het lidmaatschap bij de Onderwijskoepel van Steden en Gemeenten (OVSG) en de daaruit voortvloeiende dienstverlening kunnen er leerlingengegevens worden meegedeeld.

 

Artikel 68

Bij verandering van academie worden de leerlingengegevens overgedragen naar de nieuwe academie tenzij de leerling/ouders zich hiertegen expliciet verzetten nadat ze op hun verzoek die gegevens hebben ingezien.

  • Facebook App Icon
  • Wix Google+ page